18.10.07

Van hartige kweeperen en vijgenbedrog



Het is fijn om te horen dat je trouwe lezers hebt. Daar doe je het tenslotte toch voornamelijk voor, zo’n weblog: om gelezen te worden. In de hoop dat mensen er plezier aan beleven, geïnformeerd worden, antwoord op vragen vinden. Het is geen dagboek alleen voor eigen ogen bestemd: het weblog is het exhibitionisme van deze tijd.

Weten dat je trouwe lezers hebt, betekent ook: schuldgevoel als je ze niet vaak genoeg iets nieuws aanbiedt. Zelf heb ik niet veel blogs die ik met regelmaat volg, maar ik ken wel het gevoel van teleurstelling als je na dagen weer eens een kijkje neemt en ziet, niks veranderd…

Goed. Ik was op vakantie, 3 weken stilte op Alles over Eten. Nu ben ik terug met zoveel Italiaanse eet-foto’s dat ik niet weet, waar te beginnen en hoe daar een hanteerbaar verslag van te maken. (voor wie geïnteresseerd is in het onhanteerbare, dag-tot-dag verslag met heel veel foto’s, kijk hier op eGullet voor het reisverhaal in wording).

Als blogger kun je een statistiekprogramma gebruiken, dat je niet alleen vertelt hoeveel mensen dagelijks doorklikken naar jouw pagina, maar ook hoe ze al googelend bij jou terecht zijn gekomen. Het is grappig om te zien hoe de google hits mee veranderen met de seizoenen. In maart riep rabarber nog heel veel vragen op, sinds een maand staat ‘kweepeer’ met stip op 1. Kennelijk zijn er veel mensen die zich afvragen wat je zoal met kweeperen kan doen… hoe je ze klaarmaakt... hoe ze smaken. De laatste weken had ik af en toe een verantwoordelijkheidsgevoel-kriebel: zoveel heb ik niet geschreven over de kweepeer, en moeten de zoekers naar kweepeer informatie dan maar steeds weer bij diezelfde
berichten uitkomen? Tijd voor iets nieuws. Iets origineels. Kweeperen in een hartig gerecht, dat had ik al heel lang niet meer gedaan.


Ik ging vorig weekend aan de slag. We kregen Nieuwe Vrienden te eten, mensen die nog nooit bij ons thuis waren geweest en nog nooit aan mijn tafel hadden gezeten. Altijd spannend: wat zal ik koken, hoe kan ik indruk op ze maken zonder dat het er al te dik bovenop ligt, hoe kan ik een fantastisch menu serveren en toch tijd en aandacht genoeg hebben om mee te doen in de nog aftastende en onderzoekende gesprekken? Ik was uiteindelijk niet helemaal tevreden – er was toch teveel keukengedoe, ik wilde te graag meekletsen om nog kritisch te proeven wat ik aan het doen was. Het toetje, een vijgentaart, zag er beeldschoon uit maar was zo flauw en droog dat ik de restanten toen de gasten weg waren, in de vuilnisbak gekieperd heb. Ik geef overigens niet mezelf, maar de bedrieglijke vijgen – mooi maar smakeloos – de schuld!
Het hartige kweepeer experiment was gelukkig wel heel goed geslaagd. Het plan was om de kweepeer te serveren bij gestoofde parelhoen, maar toen die lastig te vinden waren werden het eendebouten. Het vette en rijke eendevlees deed het geweldig met het zoetzure van de kweepeer.

Eend met kweepeer
Voor 4 personen

4 eendebouten
2 kleine kweeperen
1 ui, in ringen
1 theelepel kaneel
1 theelepel gemalen korianderzaad
1 theelepel paprikapoeder
2 eetlepels verse tijm
Peper en zout
1 flinke klont boter
2 eetlepels honing
Sap van 1 citroen
Sesamzaadjes en verse koriander om te serveren
200 ml. bouillon
50 ml. witte wijn

Snijd de velkant van de eendebouten een beetje in maar pas op dat je niet in het vlees snijd. Bestrooi ze met zout. Verhit de oven voor op 200 C
Rooster de eendebouten op een rooster in een bakblik, huidkant naar beneden, zo´n 30 minuten. Neem de bouten uit de oven en schenk het eendevet in een bakje.
Verhit 2 eetlepels van het eendevet in een grote braadpan. Bak hierin de ui glazig. Bestrooi de ui met de specerijen, verse tijm, peper en zout, en bak een minuutje. Voeg de honing toe en het citroensap. Blus af met de wijn en voeg daarna de bouillon toe. Leg de eendebouten in de pan, doe de deksel erop en laat op heel laag vuur ca. 1 ½ uur suddderen.
Maak intussen de kweeperen schoon: schil ze, haal het klokhuis eruit en snij ze in dikke parten. Verhit een klont boter (of gebruik nog wat van het eendevet) in een koekenpan en bak hierin op middelhoog vuur de kweepeerstukken zo´n 10 minuten, tot ze goudbruin zijn en zacht beginnen te worden. Zet apart.
Na anderhalf uur, de kweepeer bij de eend doen en alles samen nog een half uur stoven.
Serveren: bestrooi met geroosterd sesamzaad en verse koriander.

8.10.07

Knakworst in Kassa!

Afgelopen zaterdag werd in Kassa, het consumentenprogramma van de VARA, een knakworstentest gehouden. Blikjes fabrieksworst van alle supermarktmerken werden getest door een team knakworstdeskundigen. Onder hen de Amsterdamse Herman de Wit, meesterslager en maker van ambachtelijke knakworst. Helaas mocht zijn knakworst niet meedoen aan de blinde smaaktest (zou de Aldi worst dan nog steeds gewonnen hebben?) Wel mocht hij na afloop zijn product uitdelen in de studio. Voor wie de uitzending gemist heeft, hier kun je hem nog een keer bekijken. En omdat Herman de Wit nu niet als knakworstenslager te boek moet gaan staan: zie ook hier voor een mooi artikel over zijn ossenworst!

6.10.07

La Dolce Vita



Voor wie zich afvroeg waarom het zo stil was op dit blog de afgelopen weken: ik was op vakantie in Italië, bezig met worst eten, wijn proeven, truffels ruiken, wandelen, kunst bekijken, uitrusten, ijsjes likken. Kilo´s zwaarder en zorgen lichter zijn we weer thuis gekomen. De eerste maaltijden uit eigen keuken zitten er al weer op, ik ben op de markt geweest en heb koffie gedronken in het park, heb alweer gemopperd over het supermarkt assortiment alhier, en voor je het weet is het leven angstaanjagend normaal. Gelukkig zijn er foto´s en notitieboekjes om de vakantieherinneringen nog even levendig te houden. Verder verslag volgt!

9.9.07

Omhels de kansen


baby, life´s what you make it
can´t escape it
baby, life´s what you make it
celebrate it

- Talk Talk


Elke dag weer zoveel keuzes te maken. Trek ik een spijkerbroek aan of een jurk, laarzen of gympen, wat doe ik op mijn brood, hoe fiets ik naar mijn werk? En dan de grotere levensvragen – in wat voor huis willen we wonen, wat voor werk wil ik doen, hoe maak ik de toekomst? Keuzes zijn een vermoeiend luxeprobleem. Ik hoor overal dat mijn leven maakbaar is, maar hoe zit dat dan als je nog niet weet wat je maken wilt? Daarom is het soms zo fijn als iemand anders voor je beslist.
Levensvragen en outfit-paniekmomenten schuiven we maar even terzijde, daar gaat dit blog niet over tenslotte. Ook als het over eten gaat kunnen de mogelijkheden je doen duizelen. Misschien hou ik daarom zo van uit eten gaan in een restaurant waar maar 1 menu is. Heerlijk om niet na te denken over waar je trek in hebt, en als je er nog een wijnarrangement bijneemt, kun je de hele avond achterover leunen en je laten verwennen.

Op de markt, in de winkel (en later zelfs nog aan het fornuis, want op het laatste moment kun je alles nog omgooien en kan de geplande Italiaanse pasta in een Midden-Oosters stoofpotje veranderen) - elk moment moet je kiezen wat je gaat maken, een beslissing nemen voor de toekomst. Soms lukt me dat niet. Dan grijp ik naar oude favorieten, niet zo creatief, maar veilig en vertrouwd.
Op zich niet erg, maar te lang geen beslissingen nemen, te vaak de nieuwe kansen en mogelijkheden waar de wereld vol mee ligt negeren en niet willen zien, en je komt aardig vast te zitten. Dan moeten de alarmbellen afgaan, anders staat er voor je het weet 3 keer per week spaghetti carbonara op tafel.


Zaterdag kwam ik bij de viskraam op de markt een kennis tegen. Zij kocht zwaardvis, ik kocht makreel (die beslissing had zo´n 5 minuten geduurd, ik had alle vissen grondig bestudeerd, vol twijfel over wat ik wilde gaan koken). We kletsten nog wat terwijl zij zich naar de volgende kraam begaf, waar ze groene papaya en groene mango kocht – voor een Thaise salade, Som Tam. Kende ik dat? Nee, nooit gegeten, nooit gemaakt. En voor ik het wist had ik ook een groene papaya en een groene mango in mijn boodschappentas, en een paar instructies van Majella in mijn hoofd. Thuis nog even gegoogled en het resultaat was deze fantastische salade, met de heerlijke Thaise smaakcombinatie van pittig, zoet, zuur en zout. De makreel kreeg een saus van zoete dikke ketjap en sambal en ging onder de grill – 7 minuten voor elke kant. En erbij kleefrijst, voor deze keer gekookt in kokosmelk.


Wie zich afvraagt waar al dat gefilosofeer over gemiste en gegrepen kansen vandaan komt: ik ben aan vakantie toe. Gelukkig gaat dat ook gebeuren, volgende week! Maar daarover binnenkort meer…

Hier mijn versie van Thaise Groene Papaya Salade: Som Tam. Ik zeg het nog maar een keer: ik claim geen authenticiteit (en zie bijvoorbeeld hier voor een traditioneel recept van de Thaise auteur Kasma Loha-unchit). Wel beloof ik, dat dit lekker is.

Voor 2 personen
1 halve groene papaya, in dunne sliertjes (ik sneed hem in plakken en schaafde daar met de dunschiller slierten vanaf)
1 kleine groene mango, in dunne reepjes
een handjevol cherrytomaatjes, gehalveerd

voor de dressing:
1 kleine teen knoflook, fijngewreven
1-2 rode chili´s, met zaadjes, fijngesneden
1 eetlepel Thaise vissaus
1 eetlepel basterdsuiker
sap van 1 limoen

om te garneren:
handje geroosterde pinda´s
handje fijngesneden koriander

Doe de papaya, mango en tomaatjes in een kom.
Meng alle ingredienten voor de dressing door elkaar. Proef en voeg extra toe wat nodig is: er moet een goede balans zijn tussen zoet, heet, zuur en zout. Meng de dressing door het papaya mengsel. Laat een kwartiertje staan zodat de smaken zich goed vermengen. Schep in een mooie schaal en garneer met de pinda´s en koriander.

4.9.07

Perfect Day

Just a perfect day
Problems all left alone
Weekenders on our own
It’s such fun



Laten we eerlijk zijn: perfecte dagen zijn er niet veel. Als Lou Reed erover zingt, dan word je bijna melancholiek van de zeldzaamheid en breekbaarheid. Afgelopen weekend had ik zo’n dag. Het was de eerste keer sinds weken dat ik helemaal geen enkele verplichting had, een hele dag helemaal voor mezelf, helemaal niets anders te doen dan dingen die ik zelf wilde, leuke dingen, ontspanning, rust. De dag begon met koffie in het park en alle denkbare weekendkranten, met een zonnetje dat net vaak genoeg achter de wolken vandaan kwam om het aangenaam te houden. Koffie en nog meer koffie, een broodje BLTC, een bezoekje van Maarten en zijn hondje Muis – als je ergens gelukkig van kan worden, is het van een hond die door het dolle heen is van blijdschap om je te zien.

Daarna even langs Boekhandel het Martyrium, snuffelen tussen de ramsj boeken met een dikke boekenbon op zak – van alles oppakken, bekijken en overwegen en uiteindelijk niks kopen, dus met boekenbon en al weer naar buiten lopen. Thuis een nieuwe cd opzetten en 3 bakblikken chocolade/pindakoekjes bakken, de geur van boterig baksel die langzaam door het huis kruipt, intussen een beetje internetten en kijken waar we over een paar weken als we op vakantie in Italië zijn zullen gaan eten…

Daarna een middagdutje, zo’n heel klein en licht slaapje, met de ramen open zodat de geluiden van het speelplein naar binnen drijven en langs je bewustzijn glijden. Als de wekker gaat schrik je niet uit een diepe slaap maar kom je gewoon langzaam en uitgerust en helemaal ontspannen weer tot jezelf.

Eén van de voorwaarden voor een perfecte dag is wel, dat je weet dat je savonds lekker gaat eten. De hele dag kon ik voorpret hebben omdat ik wist dat dat wel goed zou komen.
Om 6 uur de koekjes in een mooi papiertje gepakt en dan naar onze lieve vrienden Marieke en Yvo, die ons een fantastisch diner hadden bereid. Salade met eendeborst met frambozenvinaigrette, een visstoofpotje met zeebaars, venkel en olijven in een geurige bouillon, aioli en in eendevet geroosterde aardappeltjes, chocoladetaartjes met roze peper. En uiteraard een fantastisch wijnarrangement – wat je kan verwachten als je bij een vinoloog annex wijnimporteur gaat eten!



De chocoladetaartjes kwamen uit de Elle Eten, nr. 4 van dit jaar. Het recept voor 4 personen had makkelijk 8 eters kunnen voorzien van een goddelijk chocoladetaartje. Niet erg, want we kregen 2 taartjes mee naar huis, en die hielpen om de volgende dag (een alles behalve perfecte maandag) toch aan het eind een heel klein beetje perfect te maken.. of in ieder geval om ons te verzoenen met de imperfectie van het gewone leven.

Chocolade amandeltaartjes met roze peper

250 gram amandelen
2 eetlepels roze peperkorrels
500 gram pure chocolade
250 gram zachte boter
250 gram basterdsuiker
6 losgeklopte eieren
100 ml. slagroom
Cacaopoeder en extra peperkorrels om te garneren
8 kleine taartvormpjes

Verwarm de oven voor op 150 C.
Bekleed de vormpjes met bakpapier.
Rooster de amandelen 15 minuten in de oven tot ze goudbruin zijn, en maal ze dan samen met de peperkorrels in de keukenmachine tot een grove massa.
Smelt de chocolade au bain marie. Klop de boter en suiker luchtig. Doe de helft van de gesmolten chocolade hierbij en meng. Roer de losgeklopte eieren er geleidelijk door. Spatel de amandel-pepermassa erdoor en schenk het beslag in de vormpjes. Bak in ca. 20 minuten gaar, zet dan de oven uit, zet de ovendeur op een kier en laat de taartjes nog 10 minuten in de oven staan. Haal ze dan uit de oven en laat afkoelen.
Roer de slagroom door de overgebleven gesmolten chocolade en giet deze ganache over de taartjes. Laat opstijven en garneer met roze peperkorrels en cacaopoeder.

26.8.07

Creatief met jonge appeltjes



Soms heb je ineens ruim 2 kilo onrijpe appels waar je iets mee moet. Vraag me niet waarom, het is een lang verhaal! Hier zijn ze: zielige appeltjes, te vroeg van de boom geplukt, nog voor de nazomerzon en de tijd ze tot zoete volwassenheid lieten rijpen. Nu zijn het kleine, groene vruchtjes met weinig smaak. Niet heel zoet, niet heel zuur, een beetje niksig. Niet lekker genoeg om zo te eten (en leerde ik niet van mijn moeder dat je buikpijn krijgt van onrijp fruit?) maar iets ermee koken of bakken, dat moet kunnen.

Ik lees dat onrijp fruit meer pectine bevat dan rijp fruit, en dus heel geschikt is om jam van te maken. Appeljam dus. Omdat mijn appeltjes niet zoveel karakter van zichzelf hebben roepen we frambozen te hulp, voor kleur, zoetheid en smaak.


Appelframbozenjam

Neem een mengsel van appels en frambozen. Ik gebruikte 300 gram frambozen en 500 gram (schoongemaakte) appels. Als je lekkere, rijpe appels gebruikt, kun je het met minder frambozen proberen.
Doe de frambozen en de (in dunne plakjes gesneden) appels in een pan. Zet op middelhoog vuur tot de frambozen hun vocht loslaten (een paar minuten). Doe dan de suiker erbij (neem de helft van het gewicht aan fruit in geleisuiker, in dit geval dus 400 gram) en het sap van een halve citroen. Laat ca. 40 minuten zachtjes koken. Af en toe roeren. De appels zullen helemaal stukkoken en je houdt een stevige, dikke jam over.

Doe de jam in gesteriliseerde jampotjes (potjes en deksel in heet zeepwater afwassen, met een schone theedoek drogen, en minstens 5 minuten in een oven van 180 C zetten). Zorg dat jam en potjes nog warm zijn. Deksels goed aandraaien en de jam ondersteboven laten afkoelen.



Van de rest van de appels maakte ik deze appelcake. Voor de plantaardige olie die het recept voorschrijft gebruikte ik walnootolie, wat de cake een heerlijk nootachtig aroma geeft. En in plaats van vanille extract gooide ik een paar eetlepels cognac door het beslag…

Het is een heel geslaagde cake, zacht van structuur en totaal niet droog, met de bite van pecannoten en lekker kruidig door de kaneel en nootmuskaat. Ik bakte een grote cake in een vierkante vorm van 22 centimeter (die gaat morgen mee naar mijn werk om ook de eigenaresse van de appelboom waar de appeltjes vanaf kwamen, te laten meegenieten), en nog een klein minicakeje dat we vanavond al bijna soldaat hebben gemaakt.
Ik denk dat de cake ook heerlijk zou zijn met speculaaskruiden, en ik ga hem zeker nog een keer maken met rijpe appels!

20.8.07

Een reuzetomaat en perfecte pasta


Iedereen heeft het over de slechte zomer, maar zolang ik een paar keer per week mijn bord kan leegeten op het balkon, tussen de bloeiende geraniums, met een uitzicht als dit, hoor je mij niet klagen. Wat aten we daarbij?


Deze schoonheid - ik kreeg hem via via cadeau, en heb geen idee van de herkomst. Maar het was een heerlijke tomaat, sappig en stevig en zoet, en zo groot dat hij in z´n eentje een salade voor twee personen kon zijn.
Een van de lekkerste dingen die je kan doen met een echt goede, zongerijpte tomaat is een tomatensandwich – knapperig brood, dikke klodders echte mayo, grof gemalen peper en zeezout. Met die gedachte maakte ik een mayonaisedressing voor mijn reuzetomaat: 2 lepels mayo, 1 eetlepel karnemelk, een halve eetlepel citroensap. Tomaat in overlappende plakjes op een schaal leggen, rijkelijk met zout en peper bestrooien en de dressing erover gieten. Het allerlekkerst hierbij zou bieslook zijn, maar bij gebrek daaraan strooide ik er wat fijngehakt selderijblad over.



Bleekselderij had ik in de koelkast omdat ik het pastagerecht wilde recreëren wat ik vorige week bij mijn vriend Maarten te eten kreeg. Maarten kan geweldig koken en vooral proeven, hij is één van de meest kritische en analytische eters die ik ken. Als hij uit eten is geweest kan hij me tot in het kleinste specerij-detail navertellen wat hij gegeten heeft. Als hij zelf kookt, maakt hij het liefst zijn succesrecepten die hij zodanig heeft geperfectioneerd, dat ik het allang niet erg meer vind dat hij me vaak hetzelfde voorzet. Integendeel, want als ik bij hem ga eten, weet ik waar ik me op kan verheugen.

Van de week ging het bijna mis, omdat de pasta met ansjovis en kappertjes waar ik de hele dag watertandend van droomde, was vervangen door pasta met bleekselderij en sardientjes! Maar uiteindelijk kwam het goed want dit was zo´n goddelijk lekkere pasta dat ik hem eigenlijk meteen de volgende dag wéér wilde eten. Simpel, snel klaar, en uitermate bevredigend. Een volmaakte harmonie van de vette, zoutige vis, pittige pepers, frisse bleekselderij en stevige pasta.



Pasta met bleekselderij en sardientjes
voor 2 personen

5 dikke stengels bleekselderij, in blokjes
2 tenen knoflook, in niet te kleine stukjes
1-2 verse chilipepers, fijngesneden (Maarten gebruikt er 2, ik kan wat minder hitte hebben en vind 1 genoeg)
2 blikjes sardientjes op olijfolie
sap van een halve citroen
200 gram penne
zout en peper


Giet de olie van de sardientjes in een grote koekenpan. Fruit hierin op niet te hoog vuur de chilipeper, bleekselderij en knoflook. Alles moet zacht worden maar de bleekselderij moet nog wel een beetje beet houden.
Kook intussen de pasta gaar in ruim water met zout. Als de pasta bijna gaar is, de sardientjes en het citroensap bij de bleekselderij doen. De sardientjes in kleine stukken breken en alles goed omscheppen en doorwarmen. Op smaak brengen met zout en peper.
Voor dat je de pasta afgiet, wat kookwater uit de pan scheppen. De afgegoten pasta bij het groente/sardienmengsel in de pan doen, omscheppen en wat van het kookvocht toevoegen zodat je een smeuïg geheel krijgt. Eventueel nog wat fijngehakt selderijblad eroverheen.

16.8.07

Ratatouille!



Dit is Dozo. Sinds vorige week verwacht ik elke ochtend als ik opsta, dat haar kooi leeg is, en dat zij in de keuken staat naast een koekenpan, bezig een omeletje voor me te bakken (en een heel klein mini rattenomeletje voor zichzelf). Lijd ik aan hallucinaties, nee, maar een beetje gek ben ik wel. Want sinds de premiere een paar weken geleden, ben ik al 2 keer naar de bioscoop geweest om te kijken naar wat zeker 1 van mijn favoriete films aller tijden zal blijken: Ratatouille.

Ik hou van eten, ik hou van koken, ik hou van ratten. Vanaf het moment dat ik hoorde over deze film had ik het gevoel dat hij speciaal voor mij bedacht en gemaakt is – en alleen een speciale soundtrack met Patty Griffin songs had dat gevoel nog verder kunnen vervolmaken. Dan waren AL mijn obsessies in avondvullend entertainment vertegenwoordigd. Maar goed, 2 uit 3 is een mooie score.

Ratatouille is het onwaarschijnlijke (maar dit is Disney/Pixar, dus daar hebben we het maar niet over) verhaal van een fijngevoelige, maar dappere rat die kok wil worden. Hij vindt (aanvankelijk) een partner in de slungelige, onhandige Linguini (die niet echt goed kan koken of proeven) en samen bereiken ze grote culinaire hoogten, daarbij geholpen door de geest van de overleden chef Gusteau (een Paul Bocuse look-a-like) die als motto heeft: iedereen kan koken!

Uiteindelijk blijkt dat laatste toch niet helemaal op te gaan, maar trouw aan het Disney feel-good principe, vindt wel iedereen zijn plek aan het eind van de film – ratten, slungelig koksmaatje, stoere vrouwelijke chef, de slechterik, de verbitterde criticus.

Het is een film over eten en proeven, en zie bijvoorbeeld deze discussie op eGullet over het gastronomische waarheidsgehalte en de adviezen van topchefs. Maar voor rattenliefhebbers is het toch ook, en misschien vooral, een film over ratten. Laten de culinaire feiten-checkers hier en daar een steekje vallen (rozemarijn is geen specerij (spice) en zwezerik is geen kalfsmaag!), het rattenleven, de ratten zelf, hun gedrag, hun bewegingen en hun uiterlijk is adembenemend mooi weergegeven.
Of je nu van knaagdieren houdt of van eten, of van allebei, gaat dat zien!

Remy´s succesrecept, zijn haute cuisine versie van ratatouille, is een creatie van Thomas Keller - de grote Amerikaanse chef van The French Laundry. Het recept, mocht je het willen namaken, vind je hier. In tussen maakte ik gisteren, als ode aan Remy, mijn eigen simpele ratatouille.



Ratatouille
1 aubergine
1 courgette
1 rode of gele paprika
1 grote ui
450 gram rijpe tomaten
een halve chilipeper
2 tenen knoflook
olijfolie
5 gekneusde korianderzaadjes
verse tijm
verse basilicum
1 laurierblad
peper, zout
snufje suiker
1 eetlepel rode wijnazijn



Maak eerst de tomatensaus. Hak de tomaten fijn en snij de knoflooktenen in plakjes. Snij de halve chilipeper fijn. Verhit een paar eetlepels olijfolie in een grote braadpan en fruit hierin de knoflook zachtjes (niet bruin laten worden). Doe de tomaten en chilipeper erbij, de laurier, korianderzaad, snufje suiker, beetje verse tijm en laat pruttelen terwijl je de groenten snijdt en bakt.

Snij de aubergine, paprika en courgette in blokjes (niet te klein, dan kookt het te snel stuk) en de ui in dunne ringen. Bak in een grote koekenpan de groenten na elkaar in olijfolie: eerst de ui, dan de aubergine, dan de paprika, dan de courgette. de groeten moet een beetje kleuren maar vooral niet te gaar en zacht worden. Doe elke keer als er een portie klaar is, deze bij de tomatensaus.


Laat alles nu zachtjes een half uurtje pruttelen. De groenten moeten gaar en zacht zijn maar niet stukgekookt. Proef op zout en peper.
Eet als bijgerecht bij lamsvlees of vis. Doe er vlak voor het serveren een klein beetje rode wijnazijn (of balsamico)bij, nog wat verse tijm en eventueel wat verse basilicum. Ook lekker als pastasaus!

30.7.07

Is-het-nog-geen-zomer-pasta



Misschien is het het gure, grijze weer, maar ik heb zin in herfstachtig eten. Paddestoelen, pompoenen, wilde eend en stevige soep. Wordt het nog zomer?

Zaterdag kocht ik op de markt een flessehalspompoen, of butternut squash zoals 'ie in het Engels heet. Het vruchtvlees is altijd zoet en stevig (bij andere pompoenen kan dat nogal eens tegenvallen als je ze hebt opengesneden) en na verhitting wordt het van lichtoranje, bijna fluorescerend intens van kleur. Mijn favoriete manier om hem klaar te maken is roosteren: het overtollig vocht verdampt en je houdt zoet, nootachtig smakend pompoenvlees over. Heerlijk met geitenkaas, in combinatie met zongedroogde tomaten en pijnboompitjes, met krullen Parmezaan, bij lamsvlees, door een spinaziesalade, of dunne plakken ervan op een zelfgemaakte pizza...

Vandaag ging de pompoen door de pasta, in een snel geïmproviseerd gerecht dat per ongeluk heel erg goed lukte. Zo goed dat ik het deel met het blog-universum.

Pasta met pompoen, pancetta en tomaatjes
Voor 2 personen

1 klein flessehalspompoen, geschild en in kleine blokjes gesneden
1 middelgrote ui, in ringen
1 teen knoflook, gesnipperd
50 gram pancetta, in stukjes
½ eetlepel rozemarijnnaaldjes, fijngehakt
8-10 rijpe kerstomaatjes, gehalveerd
½ theelepel chilivlokken
1 theelepel balsamico azijn
Peper, zout, olijfolie
Parmezaanse kaas, geraspt, om te serveren
Eventueel wat fijngehakte peterselie
150 gram pasta

Verhit de oven voor op 200 C. Spreid de pompoenblokjes uit op een bakblik (bekleed met bakpapier) en besprenkel met een beetje olijfolie, en bestrooi met wat zout. Rooster de pompoen in de hete oven tot de blokjes bruine randjes krijgen en zacht zijn, ca. 10-15 minuten. Schuif de pompoenblokjes wat opzij en leg de tomaatjes ernaast. Rooster deze nog een paar minuten: ze moeten net zacht beginnen te worden. Laat afkoelen.

Bak intussen in een grote koekenpan de uienringen in 1 eetlepel olijfolie zachtjes goudbruin. Doe de knoflook en de pancetta erbij en bak nog een paar minuten. Doe de rozemarijn erbij, de azijn, chilivlokken, de pompoen en de tomaatjes. Breng op smaak met zout en peper.



Kook de pasta gaar. Houd bij het afgieten wat kookwater achter en meng dit (een paar eetlepels) samen met het groente/pancetta mengsel door de pasta. Bestrooi eventueel met wat peterselie en serveer met de Parmezaanse kaas.

Het valt me op dat al mijn eten van de laatste dagen bruin/oranje/geel van kleur is. Herfstig, zou je bijna zeggen! Morgen tijd voor iets groens?

28.7.07

Pasta e Ceci, de solo-smokkelversie



Ik heb het geluk dagelijks aan tafel te zitten met een Man die Alles Lust. Hij haalt nergens zijn neus voor op, en die enkele keer dat hij iets echt niet op wil eten, is het meestal omdat ik het eten zo dramatisch heb laten mislukken dat ik zelf ook vind dat het in de vuilnisbak thuishoort. (Zoals bijvoorbeeld die keer dat ik prachtige verse tonijnsteaks had ingesmeerd met beschimmelde peperkorrels...)
Natuurlijk vind hij niet alles even lekker. Hij houdt meer van spinazie dan van broccoli, meer van rijst dan van aardappels, meer van kip dan van varkensvlees. Maar dat zijn details. Zelfs als ik hard nadenk, is er maar 1 gerecht wat echt niet hoeft voor hem: minestrone, en alle andere dikke soepen waar zowel pasta als gedroogde peulvruchten in zitten.

Als de man van huis is, dansen de muizen op tafel (echt waar, daarover misschien verderop in de week meer) en maak ik voor mezelf eten waar ik hem geen plezier mee doe. Dit was gisteren mijn solo-diner: Pasta e ceci, maar dan wel de smokkelversie. Want als ik voor middernacht wilde eten zag ik geen kans om gedroogde kikkererwten nog op tijd gaar te krijgen.



Voor 1 persoon

Het wit van een kleine prei, fijngesneden
1 grote teen knoflook, gesnipperd
1 eetlepel olijfolie
1 grote rijpe tomaat, ontveld en in blokjes
300 ml. lichte kippen- of groentebouillon
De naaldjes van 1 klein takje rozemarijn, fijngesneden
100 gram kikkererwten uit blik (uitgelekt)
40 gram gedroogde pasta (een kleine soort, ik gebruikte in stukjes gebroken bucatini)
Handje peterselie, fijngehakt
Zwarte peper, geraspte parmezaan, en nog wat olijfolie

Fruit in een pan de prei en de knoflook ca. 10 minuten zachtjes in de olijfolie. Niet bruin laten worden. Doe de kikkererwten, tomaat, bouillon, en rozemarijn erbij. Met het deksel op de pan ca. 30 minuten heel zachtjes laten koken. Langer kan geen kwaad. Doe de pasta erbij en laat nog een kwartiertje zachtjes koken. Ook hier is ´beetgaar´ weer niet op zijn plaats – je wilt zachte, wolkige pasta die zich heeft volgezogen met de geurige bouillon.
Doe de peterselie erbij, eventueel nog een klein beetje rozemarijn*, en breng op smaak met zout en versgemalen zwarte peper. Schep in een kom, sprenkel er een beetje olijfolie overheen en bestrooi met een flinke schep Parmezaanse kaas.

Kom op schoot, tv aan en oude afleveringen van ER (of andere tv serie naar keuze) kijken terwijl je de dikke soep naar binnen slurpt.


* Ik ben dol op rozemarijn, gebruik er altijd meer van dan in een recept staat aangegeven, en eet zelfs met plezier de naaldjes zo, rauw. Als je rozemarijn meekookt in soepen en stoofgerechten geeft het kruid wel zijn smaak af, maar dat bijzondere, krachtige aroma verdwijnt natuurlijk in het lange kookproces. Daarom vind ik het lekker om bij dit soort gerechten vlak voor het eten nog een klein beetje verse, heel fijngesneden rozemarijn toe te voegen.

26.7.07

Knakworst voor fijnproevers



Het leuke van een nieuwe baan: nieuwe collega´s. Met nieuwe verhalen over eten en tips voor mij onbekende adresjes. Nog leuker: een nieuwe collega die niet alleen graag praat over eten, maar na haar lunchpauze terugkomt en een haring op mijn bureau legt. Of, zoals vandaag, knakworst!
Knakworst? Ik hoor je denken. Knakworst roept beelden op van chaotische kinderpartijtjes, waar de peuters zoet gehouden worden met stapels vleesafval verwerkt tot worstjes die tegelijk waterig en zout zijn. Niet bepaald iets waar een liefhebber van lekker eten warm voor loopt. Culinaire knakworst, kan dat? Ja dus, wel als de worst gemaakt wordt door 1 van de laatste echt ambachtelijke slagers van de stad. Ik vaar hier blind op de expertise van mijn collega, want dit is voor mij dus zo´n nieuw adres: slagerij Herman de Wit in de Wakkerstraat in Amsterdam Oost (wil je hem in actie zien bij het maken van bloedworst, klik dan hier).



De knakworsten van Herman de Wit zijn handwerk: ze zien er allemaal anders uit, dun en dik en krom en recht door elkaar. Een paar minuten wellen in heet water, krijg ik als kookadvies mee.Wat doe je met knakworst? Eerst wilde ik ze gewoon uit het vuistje opeten bij een Belgisch biertje, maar toen dacht ik aan hotdogs. Omdat het zo leuk is om met goede spullen een echt lekkere versie te maken van iets wat je vaak alleen maar in z´n tragische fast-food incarnatie kent. De oer-hotdog dus: een perfecte combinatie van versgebakken brood, rinse zuurkool, pittig-romige mosterdmayonaise, zoete uien en dan die sappige, malse, licht rokerige knakworstjes!


De broodjes zijn een hotdog-versie van mijn favoriete snelle broodjes (maar bestreken met ei in plaats van melk).

Ik denk dat ik de Wakkerstraat maar eens een bezoekje ga brengen, want ik heb gehoord dat de ossenworst van Herman de Wit ook erg de moeite waard is!
Wordt vervolgd.

24.7.07

Koele Noedels



Op eGullet zijn ze alweer aan de 33e 'cook-off' toe. Sinds december 2004 koken eGulleters van over de hele wereld een tijdje hetzelfde gerecht. Van cassoulet en echte chili, roomijs en pannekoeken tot gevulde pasta en Koreaanse bibimbap en Thaise pad thai. We vergelijken recepten, vertellen elkaar onze favorieten en laten zien wat we maken. Het is een geweldige manier om eens een stapje buiten je culinaire comfortzone te zetten: dankzij de cook-offs heb ik dingen gemaakt, aangemoedigd door mijn virtuele kookclubvrienden, die ik anders niet zo snel geprobeerd zou hebben.

De cook-off van dit moment is Koude Noedelgerechten. Hoewel het buiten guur en grijs is, eigenlijk beter weer voor een stoofpotje, bleef ik maar denken aan een bord glibberige noedels met een romige, pikante, notige saus. Na verschillende recepten gelezen te hebben (zie bijvoorbeeld hier en hier) is dit mijn versimpelde versie.

Voor 2 personen
100 gram noedels, bijv. Chinese eiermie
2 eetlepels pindakaas
2 eetlepels tahini (sesampasta)
3 eetlepels sesamolie
2 eetlepels rijstwijnazijn
1 eetlepel sriracha (Thaise knoflook-chilisaus, of neem je favoriete sambal)
Zout
Koud water
Geroosterde sesamzaadjes
¼ komkommer, in dunne reepjes

Kook de noedels gaar en spoel ze dan goed af onder de koude kraan.
Meng alle dressing ingrediënten door elkaar. Voeg zoveel water toe tot je een romige dressing hebt (de consistentie van joghurt). Proef: het moet pittig zijn en romig, en lichtzuur. Voeg kleine beetjes van alle ingrediënten toe tot het naar je smaak is.
Roer de dressing door de uitgelekte noedels en meng de komkommer erdoor. Zet koel of koud weg tot je gaat eten.
Noedels hebben een ongelooflijk absorptievermogen en blijven maar doorgaan met de dressing in zich op te zuigen. De kans is dus groot dat je na een uurtje een grote noedelklont hebt. Voeg dan vlak voor het serveren een scheutje water toe om alles weer los te maken.
Garneer met sesamzaad, extra chilisaus, en wat komkommer.

Behalve komkommer kun je ook andere groenten toevoegen: peultjes, bosui, verse koriander, taugeh. In plaats van sesamzaad kun je geroosterde pinda´s over de noedels strooien. Een hardgekookt ei, in plakjes, is er ook heel lekker bij. Zie dit recept als een startpunt voor je eigen koele noedels!

18.7.07

Tegendraadse boontjes



Al eerder stak ik de loftrompet over de gestoofde sperziebonen uit Molly Stevens’ All About Braising. Vandaag maakte ik ze weer, en ze waren zo heerlijk dat ik besloot dat ze hun eigen blog-post, mét recept, verdienen.

Dit is een recept om 2 sperzieboonmisverstanden de wereld uit te helpen. Allereerst gaan we tegen de al dente trend in: groente hoeft niet altijd bijtgaar te zijn, en zeker niet als bijtgaar een eufemisme blijkt voor half rauw. En verder: jarenlang heb ik bij het sperziebonen schoonmaken beide uiteinden van het boontje afgesneden. Tot ik me afvroeg: waarom eigenlijk? Ja, omdat mijn moeder het vroeger zo deed. Maar het is natuurlijk nergens voor nodig. Het uiteinde waarmee de boon aan de plant vastzat is vaak een beetje verdroogd en bruin. Dat snij je er dus af, maar het andere eind, met dat fiere, elegante puntje, staat juist zo mooi in het uiteindelijke gerecht. Minder werk en een eleganter resultaat, wat wil je nog meer?

Voor


Na


Mijn versie van Molly´s gestoofde sperziebonen
Bijgerecht voor 4 personen, maar wij eten dit met z´n tweeën met gemak in één keer op

450 gram sperziebonen, gewassen en schoongemaakt
3 eetlepels olijfolie
2 grote tenen knoflook, in plakjes
3 ansjovisfilets, in stukjes
1 theelepel gedroogde oregano
2 rijpe tomaten, in stukjes gesneden
150 ml. water
peper en zout

Verhit de olijfolie in een braadpan (met deksel) op laag vuur. Laat de knoflook hierin zachtjes fruiten, niet bruin laten worden (een paar minuten). Doe de ansjovis in de pan en druk deze met een houten lepel stuk tegen de bodem van de pan.
Doe de bonen, oregano, wat peper, tomaten en water erbij. Alles even goed omscheppen zodat de bonen met alle smaakmakers bedekt zijn. Deksel op de pan en op heel laag vuur (gebruik als het nodig is een vlamverdeler) ca. 1 uur zachtjes laten sudderen.
Als er dan nog veel vocht in de pan is, het vuur even wat hoger zetten en het vocht wat laten inkoken.
Op smaak brengen met peper en zout (let op want de ansjovis is al zout). Warm of lauwwarm eten.

16.7.07

Taart voor David


Onze vriend David was jarig dit weekend. Zijn verjaardag is er zo één waar eigenlijk niemand voor uitgenodigd hoeft te worden. Je weet dat hij jarig is, in een zomers weekend. Wie op vakantie is komt niet, en wie nog in de stad is blijven hangen prijst zich gelukkig, want de feesten van David zijn eet- en drinkfestijnen van de eerste orde.


Jaren geleden ontmoette ik Dennis op zo’n feest, een in alle opzichten memorabele avond waar ik de gastheer hielp een heel speenvarken manhaftig in een gewone huis-tuin-en-keuken-oven te proppen. David kookt voor feestjes de dingen die ik nog niet eens voor een klein gezelschap aandurf, met royale gebaren en een talent voor dappere roekeloosheid. Het gaat nooit mis (tenminste niet voor zover ik heb meegemaakt) en dat is dan weer een wijze les voor iemand als ik, die nogal kan lijden onder keukenpaniek...

Zaterdag was er geen varken, maar wel een gigantische paella:


En er was Taart.
Voor David´s huwelijk met Jacqueline bakte ik (onder andere) 300 blini en voor Davids promotiefeest 125 aardbeiengebakjes. Daarbij vergeleken was de verjaardagstaart van dit weekend een niemendalletje. De Perfect Party Cake uit Dorie Greenspan´s inmiddels veelgeprezen boek Baking, from my home to yours leverde ´smiddags wel wat stress op... misschien moet ik daar nu, om het after-party-plezier niet te bederven, maar verder over zwijgen... maar laat ik alleen zeggen dat de taartlagen zo plat als een dubbeltje bleven in plaats van te rijzen tot de luchtige hoogte die Dorie beloofde, dat 1 van de taartlagen in kruimels uiteen viel, dat er toen haastig een nieuwe laag gebakken moest worden, dat ik vergeten was dat mijn mixer nog in het huis van Suzanne lag na háár verjaardagspartijtje van 2 weken geleden, en ik dus alles met de hand moest kloppen... maar verder zeg ik niks.

Perfect was 'ie misschien niet, maar mooi wel (en op de meringue botercrème, die ik nog nooit eerder gemaakt had, was ik eigenlijk erg trots). Hij werd in 10 minuten geïnhaleerd door de aanwezigen. Daarna was het een logische stap naar margarita´s en caipirinha´s en werd het een late, late avond…

David, proficiat!

15.7.07

Ansichtkaarten uit Parijs



Vorig weekend waren we even in Parijs. Om Keith Jarrett te horen spelen, om Pierre Hermé’s macarons te kopen, om de mooiste Chinese theewinkels te bezoeken en natuurlijk gewoon om door de straten van Parijs te lopen tot de bloedblaren op mijn tenen stonden. Dat laatste was overigens het gevolg van zo´n kleine vakantieramp: Verkeerde Sokken. Maar laat ik daar niet verder over uitweiden. Ik heb gewoon doorgelopen, langs de Seine, in het Louvre, rondom de Notre Dame. Want wie wil er nou in de metro zitten als je de zon kan zien ondergaan achter de Eiffeltoren?

Zaterdagavond, bij Brasserie La Lorraine. Een goede tip van eGullet - dit restaurant lag 5 minuten lopen van de Salle Pleyel waar Keit Jarrett optrad. Parijs lijkt op elke straathoek zo’n brasserie te hebben, met rode luifels en tafeltjes op het trottoir, en zelf zou ik nooit de toeristen-valkuil van de real deal kunnen onderscheiden. De baba au rhum was geweldig: een superluchtig 'gebakje', doordrenkt met zoete rumsiroop.
Eend met quatre épices saus en abrikozen


Baba au Rhum


Zondag aten we in een kleine bistro in St. Germain: Fish la Boisonnerie. Zondag is een moeilijke eet-dag in Parijs: de Parijzenaars eten thuis met hun familie, en natuurlijk zijn er genoeg toeristenrestaurants open om de hordes buitenlandse bezoekers van dienst te zijn, maar wie in een goed restaurant wil eten moet zorgvuldig plannen. Fish was ook een tip van eGullet, waar verschillende topics gewijd zijn aan 'eten in Parijs op zondag'.
Foie gras terrine met kruidensalade


varkensfilet met bloedworst, witte wijnsaus en lentegroente

Frambozen cheesecake met hazelnootijs


Souvenirs: thee, en macarons en chocoladekoekjes van Pierre Hermé!




Brasserie La Lorraine
2, Place des Ternes

Fish la Boisonnerie
69, Rue du Seine

Maison des Trois Thés
1, Rue St. Médard

Thés de Chine
20, Boulevard St. Germain

Pierre Hermé